Vroeger maakte ik altijd filmpjes van mezelf. Presenterend op de camping bijvoorbeeld of als ik mensen bij hun tent of caravan overviel met een interview over de camping. Nog steeds wil ik presentator worden en zet ik nog steeds graag mijn camera op opnemen. In 2013 vond er echter een hele andere opname plaats in een kliniek. Het was thuis niet meer te doen vonden vooral mijn ouders en ik uiteraard achteraf ook. Jammer genoeg toen niet, want met de dreiging van een rechtelijke machtiging voor een gesloten opname ben ik “vrijwillig” naar een open afdeling gegaan. Vrijwillig was dit natuurlijk niet, maar als je niet wegloopt van een open afdeling dan is het al vrijwillig. Weglopen deed ik ook niet toen ik er was, maar dat was niet omdat ik dat niet wilde. Dat was puur omdat ik alles andersom wilde doen toen der tijd en het dus geen zin had om op een andere manier dan met de auto weer terug te gaan naar huis. Op dat moment had ik maar één doel en dat was terug naar mijn veilige stoel thuis. Ik was volledig uit mijn comfortzone gerukt.

Na een week al was mijn protest nergens meer te bekennen. Het leek wel alsof ik zo uit een theaterstuk alle dramatiek in de verkleedkist propte en doorging. Natuurlijk was alle dwang nog hetzelfde. Een tijdje was ik optimistisch en maakte ik kleine stapjes, maar de échte wil om mijn dwang te stoppen zou nog jaren op zich laten wachten. Alle stapjes die ik in de kliniek in 2013 gezet heb, waren zoethoudertjes voor mezelf. Mezelf het gevoel geven dat ik eraan werkte was eigenlijk al genoeg. Achteraf gezien wilde ik er helemaal niet vanaf. Daarom ben ik, toen ik na zeven maanden opname een week thuis had, thuis gebleven. Bij de evaluatie die ik daarna zou hebben van de kliniek ben ik niet komen opdagen. Mijn vader is toen alleen gegaan om mijn spullen mee te nemen. Daar zat ik dan wéér. Thuis.

Het was inmiddels december. Geen kerstviering met familie deze keer, want het jaar ervoor was dat een drama door mij. Toch waren we redelijk optimistisch voor die situatie. We zouden gewoon met een frisse blik nieuwe hulp gaan zoeken en ik zou er wel komen. Wat we nog niet wisten, was dat ik heel 2014 en een deel van 2015 weer stil zou komen te zitten. Er was wel hele goede thuisbegeleiding waar ik heel veel aan had kunnen hebben, maar ik was zelf niet zover.

Toen vond mijn moeder een man die mijn leven later zou veranderen: Menno Oosterhoff, psychiater met zelf ook een dwangstoornis. Toen ik dat hoorde was ik enorm sceptisch. Hoe kon bijvoorbeeld een pianist die zelf geen noten kan lezen mij pianoles geven? Dit bleek nog minder waar dan al mijn dwanggedachtes bij elkaar. Menno kwam bij ons thuis in Vlaardingen, ruim drie uur met de trein van zijn huis in Groningen. Daarna is hij vaker geweest, maar het was uiteraard niet erg praktisch voor een behandeling.

Hoe het kan weet ik niet, maar ik ben toen vrijwel volledig vrijwillig vertrokken naar Groningen om begeleid te gaan wonen dicht bij Menno. Ook daar wilde ik zoals bij de kliniek de eerste dagen alleen maar naar huis. Toen dat afzakte, ben ik maanden lang bezocht door Menno en hebben we ontzettend veel gepraat. Toch bleef mijn dwang zo ongelooflijk hardnekkig dat er eigenlijk niets gebeurde.

Tot het moment dat ik aan iets begon wat ik helemaal niet kon. Dat klinkt gek, maar het is daadwerkelijk iets wat ik niet kon: werken. Ik woonde tegenover een basisschool en dacht dat het misschien wel leuk was als ik ooit daar kon helpen als dagbesteding. Menno’s vrouw, Dineke werkt daar. Toen Menno van mijn idee hoorde, was het dus een kleine stap dat Menno het zou vragen aan zijn vrouw. Ik kreeg die kans en begon dus aan een vrijwilligersbaan terwijl ik daar helemaal niet toe in staat was. Gedoemd te mislukken zou je denken. Niet dus. De eerst tijd dat ik daar werkte, maakte ik er een potje van. Ik liep de hele dag tegen van alles aan wat ik niet kon door angst. Op een gegeven moment had Dineke een zoveelste kleuter aan me. Toch hebben zij en haar collega, waarmee ik een ander weekdeel werkte, mij keer op keer de kans gegeven me te bewijzen. Juist omdat ik het gevoel kreeg dat ik me moest gaan bewijzen, werd ik ongelooflijk fanatiek. De dwang werd een enorme belemmering en ik wilde er vanaf. Eerder ervoer ik het niet als belemmering. Bovendien hebben de kleuters in de klas waar ik hielp geen vermogen om te snappen waarom je iets niet kan vanwege dwang. Hun enthousiasme om te gaan doen wat ik niet durfde, heeft me ongelofelijk gestimuleerd. Dat heeft geen van hen door. Ze moesten eens weten.

Ik ben onwijs dankbaar voor de kansen, de kleuters en alles wat ik van Menno geleerd heb. Door de regelmaat en het fanatiek worden heb ik nu weer een leven.

0 0 stem
Artikelbeoordeling
Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties